
![]()
Astma en COPD
Astma & COPD
Inleiding
Astma en COPD zijn longaandoeningen waarbij sprake is van een chronische ontsteking van de luchtwegen. De chronische ontsteking leidt tot vernauwing van de luchtwegen en daardoor ontstaan klachten als hoesten en kortademigheid. Het verschil tussen astma en COPD is dat astmapatiënten soms klachtenvrij kunnen zijn, bij COPD is dat vaak niet het geval. Daarnaast neemt de ernst van de klachten bij COPD in de loop van der jaren vaak toe en bij astma hoeft dat niet het geval te zijn. Ook de oorzaak van beide aandoeningen is verschillend. Erfelijke aanleg speelt een rol bij de ontwikkeling van astma; in de ene familie komt astma vaker voor dan in de andere. Die aanleg betekent echter niet dat iemand per definitie astma krijgt. Bij COPD lijkt die erfelijke factor minder belangrijk en is roken vaak de belangrijkste oorzaak van het ontstaan van de aandoening. Bij een klein deel van de mensen met COPD speelt langdurige blootstelling aan schadelijke stoffen, bijvoorbeeld tijdens het werk of een aangeboren enzymgebrek een rol. Zowel astma als COPD zijn aandoeningen waarvan een patiënt zijn hele verdere leven last kan hebben.
Een grote groep Nederlanders - geschat wordt tussen de 10% en 20% - heeft een chronische luchtwegaandoening. Dit aantal zal de komende jaren stijgen. Daarmee is het op dit moment een van de grootste problemen in de gezondheidszorg.
Astma
Astma is de meest voorkomende chronische aandoening bij kinderen. Bij astma is er sprake van een chronische ontsteking van de luchtwegen. Deze ontsteking wordt gedeeltelijk door erfelijke factoren bepaald, maar daarnaast speelt blootstelling aan omgevingsfactoren ook een belangrijke rol. Bij astma reageren de luchtwegen vaak op aspecifieke prikkels (zoals sigarettenrook, parfumlucht, mist of koude lucht, verflucht, uitlaatgassen etc). Door blootstelling aan deze prikkels vernauwen de luchtwegen zich, waardoor de patiënt last krijgt van aanvallen van hoesten en kortademigheid (benauwdheid). Deze aanvallen kunnen kort duren, maar een aanval kan ook langer aanhouden. In de periode tussen de aanvallen kan de patiënt klachtenvrij zijn.
Veel astmapatiënten zijn allergisch, dat betekent dat bij deze patiënten de luchtwegen niet alleen vernauwen na contact met aspecifieke prikkels maar ook na contact met specifieke prikkels (allergenen). De meest voorkomende allergenen zijn huisstofmijt, boom-en graspollen, hond, kat, schimmels en voedingsmiddelen. Daarnaast kunnen allergieklachten optreden zoals o.a loopneus, traanogen en jeuk. De laatste jaren is het inzicht in de behandeling van astmapatiënten sterk toegenomen. Het grootste gedeelte van patiënten kan door gerichte behandeling vrijwel klachtenvrij worden. Het vermijden van bepaalde prikkels van buitenaf in combinatie met het gebruik van medicijnen (die meestal kunnen worden ingeademd) is tot dusver het meest succesvol.
COPD
COPD is een afkorting van de Engelse term 'Chronic Obstructive Pulmonary Disease', dit betekent chronisch obstructieve longziekten. COPD is een verzamelnaam voor chronische bronchitis en longemfyseem.
Bij chronische bronchitis is de oorzaak vaak een ontstekingsproces in de kleine luchtwegen, de bronchioli. De klieren zijn vergroot waardoor overmatig veel slijm wordt geproduceerd in de luchtwegen. Daarnaast zwellen de slijmvliezen van de luchtwegen op. Door de overmatige slijmproductie en de zwelling van de slijmvliezen ontstaat er een gedeeltelijke obstructie, vernauwing, van de luchtwegen.
Bij longemfyseem is de wand van de longblaasjes (alveoli) beschadigd. De longblaasjes zijn in trosjes met de kleine luchtwegen (bronchioli) verbonden en hebben een stugge structuur die de luchtwegen openhoudt. Door beschadigingen verliezen de longblaasjes hun elasticiteit en stevigheid. Verlies van elasticiteit leidt tot het dichtklappen van de kleine luchtwegen, zodat de lucht niet meer goed uit de longen kan en er meer lucht in de longen achterblijft na de uitademing. Daardoor vermindert het vermogen (capaciteit) van de long om bij de volgende inademing een voldoende hoeveelheid verse lucht binnen te krijgen. Hierdoor is er minder lucht beschikbaar voor de uitwisseling van zuurstof en koolstofdioxide in de longen.
COPD is een aandoening die wereldwijd veel voorkomt en een hoog sterftecijfer kent. In Nederland hebben ongeveer 20 op de 1000 mensen COPD.
Mild, matig, ernstig of zeer ernstig COPD
COPD kent verschillende stadia. Van de mensen met COPD heeft ongeveer 80% mild of matig COPD; de anderen hebben ernstig of zeer ernstig COPD. Een indeling voor ernst van COPD die wereldwijd veel gebruikt wordt is de GOLD indeling, die gebaseerd is op longfunctieonderzoek.
Longfunctieonderzoek geeft aan hoe goed de luchtwegen en de longen (nog) werken. Een belangrijk onderdeel daarvan is het meten van de maximale hoeveelheid lucht die in één seconde kan worden uitgeblazen. Dit heet de FEV1 en zegt iets over de vernauwing van de luchtwegen. De GOLD indeling vergelijkt deze uitslag met de gemiddelde uitslag van een gezond persoon van dezelfde leeftijd en geslacht (de voorspelde waarde).
De GOLD indeling ziet er als volgt uit:
- GOLD I - mild COPD: de maximale hoeveelheid uitgeademde lucht is = 80% van de voorspelde waarde.
- GOLD II – matig COPD: de maximale hoeveelheid uitgeademde lucht ligt tussen 50% en 80% van de voorspelde waarde.
- GOLD III – ernstig COPD: de maximale hoeveelheid uitgeademde lucht ligt tussen 30% en 50% van de voorspelde waarde.
- GOLD IV – zeer ernstig COPD: de maximale hoeveelheid uitgeademde lucht is = 30% van de voorspelde waarde
Klachten en Diagnose
In de beginfase van COPD is er vooral sprake van een toename van slijmvorming en hoesten. Wanneer de ziekte voortschrijdt, raakt de structuur van de longen beschadigd en neemt de inhoud van de longen af. Bij ernstig COPD kan hierdoor, en door een afname van de kracht van ademspieren, de longfunctie met meer dan de helft verminderen. Een belangrijke klacht daarbij is kortademigheid: in eerste instantie alleen bij inspanning en in een ernstiger stadium continu, zelfs bij rust.
Bij COPD heeft men vooral last van chronische benauwdheid/kortademigheid, chronisch hoesten en overmatige slijmproductie. Bij sommige patiënten verloopt de ziekte mild, bij anderen kan er sprake zijn van een snel verergerend beeld. Soms wordt de patiënt zo benauwd, dat de dagelijkse bezigheden als aankleden en een stukje lopen bijna onmogelijk worden. De ziekte kan daardoor ernstig invaliderend zijn.
De diagnose COPD kan worden gesteld door het doen van een longfunctietest en eventueel het maken van een CT-scan.
Oorzaken van COPD
De belangrijkste risicofactor voor COPD is het roken van tabak. In ongeveer 80% van de gevallen wordt COPD veroorzaakt door roken. Hoe dit proces precies verloopt is nog niet bekend. Uiteindelijk krijgt 10-20% van de rokers COPD. Het is niet voorspelbaar wie COPD krijgt. Hoe meer en hoe langer men gerookt heeft, hoe groter de kans op COPD. De meeste COPD-patiënten zijn ouder dan 40 jaar.
Naast roken zijn er nog andere mogelijke oorzaken van COPD. Bij ongeveer 15% van de mensen met COPD speelt langdurige blootstelling aan kleine stofdeeltjes tijdens het werk een rol (onder andere door meeroken en fijnstof). Ook kan een aangeboren enzymgebrek de oorzaak zijn van COPD. Volgens schatting hebben in Nederland tussen de 5.000 en 10.000 mensen deze erfelijke vorm van longemfyseem (alpha-1-antitrypsine-deficiëntie).
Behandeling
COPD kan niet worden genezen. De behandeling richt zich dus op het verminderen van de klachten en het voorkomen van verslechtering.
Stoppen met roken is de meest doeltreffende stap om het verergeren van de ziekte te vertragen. Door te stoppen met roken kan de versnelde afbraak van de longen worden geremd. Ook andere risicofactoren dienen vermeden te worden.
Het belang van bewegingstherapie en andere leefstijlinterventies, zoals begeleiding bij het stoppen met roken en voedingstherapie wordt steeds meer ingezien.Bewegingstherapie, en bij ernstig COPD ook training van ademspieren, zijn belangrijk voor behouden of verbeteren van de conditie. Voedingstherapie, in combinatie met bewegingstherapie, helpt de neerwaartse spiraal van energietekort en ondervoeding te doorbreken
Medicijnen kunnen er voor zorgen dat de patiënt minder hoest en minder kortademig wordt, dat de luchtwegen beter in conditie zijn en beschermd worden tegen prikkels. De belangrijkste medicijnen bij de behandeling van COPD zijn luchtwegverwijders en daarnaast soms ontstekingsremmers.
Luchtwegverwijders
Luchtwegverwijders zorgen ervoor dat de spiertjes rondom de luchtwegen verslappen. De luchtwegen worden hierdoor weer wijder, zodat de patiënt meestal minder kortademig wordt. Er zijn twee typen luchtwegverwijders nl beta-2-sympathicomimetica en anticholinergica. Het werkingsmechanisme van deze middelen is verschillend. Beide typen luchtwegverwijders zijn zowel als kortwerkend als langwerkend beschikbaar.
Kortwerkende luchtwegverwijders werken snel, de kortademigheid wordt snel minder.
Kortwerkende beta-2-sympathicomimetica (o.a. salbutamol) geven snel meer lucht bij een aanval van kortademigheid. Binnen 5 minuten na het inhaleren neemt de benauwdheid meestal af. De werking houdt vier tot zes uur aan.
Er zijn meerdere kortwerkende beta-2-sympathicomimetica beschikbaar.
Er is één kortwerkend anticholinergicum beschikbaar (ipratropium). Dit middel werkt binnen 15 minuten tot 1 uur. De werking houdt 6 tot 8 uur aan.
Langwerkende luchtwegverwijders kunnen uitkomst bieden bij ernstigere klachten. De werking houdt ongeveer 12 tot 24 uur aan, afhankelijk van het middel. Daarom hoeven gebruikers van langwerkende luchtwegverwijders deze maar 1 of 2 keer per dag te inhaleren.
Er zijn op dit moment twee langwerkende beta-2-sympathicomimetica (Foradil® (formoterol) en salmeterol) beschikbaar, waarvan de werking ongeveer 12 uur aanhoudt en 1 langwerkend beta-2-sympathicomimeticum(Onbrez® (indacaterol)), waarvan de werking ongeveer 24 uur aanhoudt.
Er is eén langwerkend anticholinergicum (tiotropium) beschikbaar dat ongeveer 24 uur werkzaam is.
U kunt hier de bijsluiterteksten van Onbrez® (indacaterol) en Foradil® (formoterol) downloaden.
Ontstekingsremmers
Ontstekingsremmers bestrijden de ontsteking in de luchtwegen. Hierdoor beschermen ze de luchtwegen tegen prikkels. Ontstekingsremmers hebben niet bij alle mensen met COPD effect. Patiënten die ernstig of zeer ernstig COPD hebben en waarbij de klachten regelmatig verergeren kan de arts overwegen een proefbehandeling met ontstekingsremmers (inhalatie) voor te schrijven.
Er zijn ontstekingsremmende middelen om te inhaleren en om oraal in te nemen: Er zijn meerdere ontstekingremmers (o.a. beclometason, budesonide fluticason, ciclesonide en prednisolon) beschikbaar.
Combinatiemiddelen
Daarnaast zijn er ook combinatiemiddelen beschikbaar van een ontstekingsremmer en een langwerkende luchtwegverwijder (o.a. salmeterol/fluticason en formoterol/budesonide).
Aanvullende medicijnen
Luchtweginfecties als verkoudheid en griep kunnen de COPD-klachten behoorlijk verergeren. Griep geeft zelfs grote kans op complicaties, zoals een longontsteking. Elke longontsteking is een aanslag op de longen. Daarom is het belangrijk om infecties te voorkomen en eventuele infecties goed te behandelen. Hiervoor zijn verschillende middelen beschikbaar zoals het griepvaccin, antibiotica en slijmoplossers. Slijmoplossers (o.a. acetylcysteïne, carbocisteïne, broomhexine) maken taai slijm in de luchtwegen dunner (vloeibaarder), waardoor het slijm makkelijker is op te hoesten. Het griepvaccin helpt griep te voorkomen. Eén eventuele bacteriële infectie kan in de meeste gevallen behandeld worden met antibiotica.
Meer informatie
Voor meer informatie over COPD kunt u o.a. terecht bij:
Astma Fonds
Stationsplein 127
3818 LE Amersfoort www.astmafonds.nl Telefoonnummer: 033 4341212
Voor meer informatie over Onbrez® (indacaterol) en Foradil® (formoterol) kunt u terecht bij:
Novartis Pharma BV Raapopseweg 1 6824 DP Arnhem
www.novartis.nl
Telefoonnummer: 026 3782100
Medicijnen
Er zijn verschillende soorten medicijnen bij de behandeling van astma en COPD. Een aantal belangrijke groepen van medicijnen zijn
1. Luchtwegverwijders
2. Ontstekingsremmers
3. Aanvullende behandelingen
Luchtwegverwijders worden ingenomen bij benauwdheid. Of wanneer de patiënt denkt dat hij of zij te weinig lucht zal gaan krijgen, bijvoorbeeld vlak voor het sporten. De meeste luchtwegverwijders kunnen worden geïnhaleerd. Luchtwegverwijders werken van 4 (kortwerkende luchtwegverwijders) tot 12 of 24 uur (langwerkende luchtwegverwijders). Er zijn twee types, of klassen, van luchtwegverwijders: β2-agonisten en muscarine antagonisten.
De langwerkende luchtwegverwijder Foradil® van Novartis Pharma B.V. is geïndiceerd voor zowel astma als COPD. Foradil, oftewel formoterol, is een β2-agonist.
U kunt hier de bijsluiterteksten van Foradil downloaden:
Ontstekingsremmers verminderen de ontsteking in de luchtwegen. Daarnaast beschermen ze tegen prikkels, waardoor de patiënt minder snel benauwd wordt. Ontstekingsremmers werken alleen goed als je ze dagelijks gebruikt.
Aanvullende behandelingen kunnen door een arts worden voorgeschreven wanneer luchtwegverwijders en/of ontstekingsremmers voor onvoldoende vermindering van astma of COPD klachten zorgen. In het geval van een allergisch astma kan uw arts overwegen een anti-IgE behandeling te starten.
De anti-IgE behandeling Xolair® van Novartis Pharma B.V.is geindiceerd als aanvullende behandeling voor ernstig, allergisch astma bij patiënten van 12 jaar en ouder. Xolair, oftewel omalizumab, is een monoklonaal anti-lichaam in de anti-IgE klasse.
U kunt hier de bijsluitertekst van Xolair downloaden:
Meer informatie
Voor meer informatie over astma en COPD kunt u terecht bij:
Astma fonds
Speelkamp 28
3831 PE Leusden
Telefoon: 033 - 434 12 12
Op internet: www.astmafonds.nl
Vereniging Nederland Davos
Keerkring 6
2801 DG Gouda
Telefoon: 0182- 585390
Op internet: www.nederland-davos.nl
header-logos-en.inc





